Vanderhoydonks Mattias
Voor de benedictijner wijsgeer Anselmus (1033-1109), aartsbisschop van Canterbury, kwam het geloof altijd op de eerste plaats. Eerst en vooral het geloof, vervolgens doen we ons best om dat enigermate te begrijpen was zijn stelling. Hij dankt zijn bekendheid vooral aan een opmerkelijk en heel curieus godsbewijs, met een zeer ingewikkelde en moeilijk te doorgronden argumentatie. Hij deed hiermee een vermaarde paoging om het bestaan van God aan te tonen enkel en alleen op basis van ‘een godsdefinitie’ of van ‘een godsbegrip’, zonder uit te gaan van de waarneembare werkelijkheid, en zonder het geloof als uitgangspunt te moeten nemen.
Over zijn bewijsvoering werd in de loop der eeuwen en tot op heden hartstochtelijk gefilosofeerd. Door sommigen werd die bewijsvoering de hemel in geprezen, recentelijk nog door de Nederlander Willem Herman Stenfert Kroese, die daarbij sprak over een “dazzling darkness” (een schitterende duisternis). Anderen hebben echter het betoog van Anselmus als waardeloos bestempeld en van tafel geveegd, waaronder niemand minder dan de beroemde theoloog-filosoof Thomas van Aquino, terwijl Immanuel Kant de bewijzen van Descartes en Leibniz grondig bekritiseerd en van tafel geveegd heeft maar, in strijd met wat doorgaans aangenomen wordt, het ‘volstrekt andersoortig bewijs’ van Anselmus (‘met een volstrekt andere inhoud en een volstrekt andere structuur’) nooit blijkt gezien nog gelezen te hebben. Ook Mattias Vanderhoydonks heeft meerdere boeken aan de theorie van Anselmus gewijd. In zijn nieuw boek overtreft de auteur zichzelf. Beperkte hij zich in vorige uitgaven nog tot een grondige analyse en weerlegging van de godsbewijzen en van het elfde-eeuwse raadsel van Anselmus, in dit boek wijst hij op een “fatale taalkundige valstrik” in het werk van de filosoof. Wordt hiermee een belangrijk hoofdstuk afgesloten?
Belangrijke bijval voor zijn stelling kreeg de auteur van niemand minder dan de toonaangevende filosoof Jaap Kruithof (Rijksuniversiteit Gent, Vrije Universiteit Brussel en Universiteit Antwerpen) en filosoof Hubert Dethier (Vrije Universiteit Brussel en Universiteit van Amsterdam), die het boeiende voorwoord van dit boek schreef.
Vanderhoydonks’ uiteenzetting, die een voorbeeld is van logisch denken, wordt in deze editie, behalve in acht Europese talen, in het Turks, Russisch, Arabisch en Chinees gepubliceerd.
Met zijn boeken richt de auteur zich tot lezers die aan de ene kant geïnteresseerd zijn in wat men sinds Kant onder “ontologische godsbewijzen” verstaat en aan de andere kant in de problemen die zich voordoen op het terrein van logisch denken, in het bijzonder in het overlappende gebied tussen wijsbegeerte en taal.
Jaap Kruithof: ‘Dit boek is een voorbeeld van een grondige analyse.
De auteur is zeer competent te werk gegaan: steeds helder, bedachtzaam en genuanceerd.’
Vanderhoydonks Mattias
Voor de benedictijner wijsgeer Anselmus (1033-1109), aartsbisschop van Canterbury, kwam het geloof altijd op de eerste plaats. Eerst en vooral het geloof, vervolgens doen we ons best om dat enigermate te begrijpen was zijn stelling. Hij dankt zijn bekendheid vooral aan een opmerkelijk en heel curieus godsbewijs, met een zeer ingewikkelde en moeilijk te doorgronden argumentatie. Hij deed hiermee een vermaarde poging om het bestaan van God aan te tonen enkel en alleen op basis van ‘een godsdefinitie’ of van ‘een godsbegrip’, zonder uit te gaan van de waarneembare werkelijkheid, en zonder het geloof als uitgangspunt te moeten nemen.
Over zijn bewijsvoering werd in de loop der eeuwen en tot op heden hartstochtelijk gefilosofeerd. Door sommigen werd die bewijsvoering de hemel in geprezen, recentelijk nog door de Nederlander Willem Herman Stenfert Kroese, die daarbij sprak over een “dazzling darkness” (een schitterende duisternis). Anderen hebben echter het betoog van Anselmus als waardeloos bestempeld en van tafel geveegd, waaronder niemand minder dan de beroemde theoloog-filosoof Thomas van Aquino, terwijl Immanuel Kant de bewijzen van Descartes en Leibniz grondig bekritiseerd en van tafel geveegd heeft maar, in strijd met wat doorgaans aangenomen wordt, het ‘volstrekt andersoortig bewijs’ van Anselmus (‘met een volstrekt andere inhoud en een volstrekt andere structuur’) nooit blijkt gezien nog gelezen te hebben. Ook Mattias Vanderhoydonks heeft meerdere boeken aan de theorie van Anselmus gewijd. In zijn nieuw boek overtreft de auteur zichzelf. Beperkte hij zich in vorige uitgaven nog tot een grondige analyse en weerlegging van de godsbewijzen en van het elfde-eeuwse raadsel van Anselmus, in dit boek wijst hij op een “fatale taalkundige valstrik” in het werk van de filosoof. Wordt hiermee een belangrijk hoofdstuk afgesloten?
Belangrijke bijval voor zijn stelling kreeg de auteur van niemand minder dan de toonaangevende filosoof Jaap Kruithof (Rijksuniversiteit Gent, Vrije Universiteit Brussel en Universiteit Antwerpen) en filosoof Hubert Dethier (Vrije Universiteit Brussel en Universiteit van Amsterdam), die het boeiende voorwoord van dit boek schreef.
Vanderhoydonks’ uiteenzetting, die een voorbeeld is van logisch denken, wordt in deze editie, behalve in acht Europese talen, in het Turks, Russisch, Arabisch en Chinees gepubliceerd.
Met zijn boeken richt de auteur zich tot lezers die aan de ene kant geïnteresseerd zijn in wat men sinds Kant onder “ontologische godsbewijzen” verstaat en aan de andere kant in de problemen die zich voordoen op het terrein van logisch denken, in het bijzonder in het overlappende gebied tussen wijsbegeerte en taal.
Jaap Kruithof: ‘Dit boek is een voorbeeld van een grondige analyse.
De auteur is zeer competent te werk gegaan: steeds helder, bedachtzaam en genuanceerd.’
Prieels Guy
Harde zaken… Perfide allianties… Roekeloze liefdes… Een explosief mengsel dat Berghen van Gout tot een sleutelroman maakt waarin de ongenadige wereld van het vastgoed in zijn hemd wordt gezet. Tom Nevelsteen opent een agentschap in Knokke-Zoute, waar hij kennis maakt met bouwpromotor Leopold Donremy. Deze stampt in Zwitserland een gloednieuw wintersportstation uit de grond en stelt Tom voor klanten te lokken die hun zwart geld willen investeren in zijn skiparadijs.
De winstkansen zijn zo enorm dat Tom, door hebzucht gedreven, denkt de slag van zijn leven te slaan door een enorme lap grond te versjacheren aan de kleurrijke minister Tatard, die van de ene regering in het andere schandaal stapt. Meteen is hij getuige van de schaamteloze vrijage tussen business en politiek waarin Geld en Macht met elkaar vechten of dansen op elke plek die met goud geplaveid ligt. Gauw genoeg leert hij hoe gevaarlijk het zwemmen is voor een kleine vis tussen de haaien. Maar het échte mijnenveld waar hij heelhuids doorheen moet, is en blijft de Liefde…
Guy Prieels roman over zijn avonturen als makelaar.
Van den Broeck Stefan
Emma, een jonge psychiater, belandt met een kogel in de rug in het ziekenhuis. De politie staat voor een raadsel. Werd ze het slachtoffer van een racistische aanslag of van een misverstand? Of heeft het iets te maken met haar behandeling van Bobby Zillion, een opkomende popster met heftige stemmingswisselingen?
In lange gesprekken met ziekenhuisaalmoezenier Herman maakt Emma een reconstructie van het verloop van Bobby’s therapie, doorspekt met herinneringen aan haar ouders - Kameroenese immigranten -, haar jeugd en studies, haar eerste stappen als psychiater en haar ontmoeting en leven met haar grote liefde Cindy. Haar verhaal roept grote vragen op:
Zal ze ooit nog in staat zijn om stoffelijke voorwerpen of druk- en pijngewaarwordingen te herkennen, te voelen?
Zijn ongewenste emoties altijd weg te denken?
Kan een remedie tegelijk een kwaal zijn?
Is wat haar overkomt een onrecht of haar verdiende loon?
En waarom neemt Cindy haar mobieltje niet op?
Doorheen het verhaal van Emma krijgt de lezer ook een onthutsend beeld van de zieleroerselen van een popidool, geïnspireerd door leven en werk van superster Robbie Williams.
Bevestiging van een authentiek vertellerstalent
Stefan van den Broeck, romancier
Over Morgenrood
Authentiek maatschappelijk geëngageerd zonder dat de schrijver u dat, bij manier van spreken, met een megafoon in uw oren tettert. HERMAN JACOBS IN DE MORGEN De auteur weet zijn verhaal verbazend knap op te bouwen en te bevolken met sterk geschetste en herkenbare personages. Een daverend debuut. Hopelijk zal het ook een breed publiek bereiken want het bevat spiegels voor elke generatie en elk publiek. ANDRÉ OYEN IN DE VRIJZINNIGE LEZER Niet alleen de taal, maar ook de uitbeelding van de gevoelswereld van de personages is verrassend. HILDE PROOT IN DEUS EX MACHINA Stefan van den Broeck vertelt soepel en hij is grappig. ROB VAN ERKELENS IN DE GROENE AMSTERDAMMER
Over Saturindi
Dit boek bevat een zin die ik nooit zal vergeten, één van de schitterendste zinnen die ik ooit heb gelezen. Hij was weer zo’n vat vol tegenstrijdigheden, hij leek het kapitalisme wel. Stefan verdient dan ook de titel die zijn broer voor ons allemaal verzonnen heeft: neo-idealist. Hij mag hem fier dragen. TOM NAEGELS Stefan van den Broeck heeft een bevlogen boek geschreven. Saturindi is tegelijk leesplezier en een politieke uitdaging. JAN UYTTERHUYZEN IN SOLIDAIR Benieuwd naar zijn volgende werk. LUC DE GEYTER IN LEESIDEE
Stefan van den Broeck, vertaler
Over Apuleius Metamorfosen
Van den Broeck kiest voor een gemoderniseerde taal. Zijn versie is veruit de leesbaarste... PAUL CLAES IN NRC-HANDELSBLAD Van den Broeck maakte van deze antieke roman een sprankelend hedendaags boek. Deze vertaling is tegelijkertijd heel vlot en diepgaand. PROF. FREDDY DECREUS IN DE MORGEN
Over Longos Daphnis en Chloë Stefan van den Broeck (heeft) dan ook elk woord, elke regel en elke alinea rechtgedaan, met geen andere bedoeling dan dit verhaal in heel zijn vertederende naïviteit voor de lezer te ontsluiten. WILLEM KUIPERS IN DE VOLKSKRANT Stefan van de Broeck bezorgde een erg vlotte, moderne, plezierige vertaling LUC PAY IN DIOGENES.
Over Sophocles’ Oedipus
Zonder hem van zijn poëtiek te ontdoen of te banalizeren heeft de vertaler de 2400 jaar oude tekst van Sofokles omgezet in mensentaal van het eind van de 20ste eeuw en hem, zijn begripsinhoud en diepgang volkomen respecterend, een grote helderheid, een agressieve scherpte, een politiek discours en een onvermoede komische kracht meegegeven. WIM VAN GANSBEKE IN DE MORGEN De tekst (werd) door Stefan van den Broeck prachtig en getrouw in goed bekkend proza omgezet. LOEK ZONNEVELD IN DE GROENE AMSTERDAMMER Nooit eerder was de vertaalde Oedipustekst zo’n makkelijk hanteerbaar hedendaags PETER CLAESSENS IN DE TELEGRAAF O wat een mooie Oedipus! NICOLE BLIEK IN ALGEMEEN DAGBLAD
Verschijnt op 10 oktober 2007
Dotremont Christian
Een topfiguur uit de internationale kunstbeweging Cobra. Ontwikkelde een hoogst eigen stijl die nauw verwant is aan de volkscultuur en bleef deze trouw tot het einde.
Versie in het Frans en het Engels
Verkrijgbaar in de boekhandel
Mihail Sebastian
Het dagboek van de Roemeense schrijver Mihail Sebastian is een sentimentele seismograaf die de polsslag meet van de dagelijkse gebeurtenissen in Boekarest en het wel en wee volgt van een intellectueel van Joodse origine. De aanvankelijk charmante evocaties van een schrijversleven worden allengs overheerst door de sociaal-politieke evolutie in het Roemeense interbellum, waar het publieke leven gedomineerd wordt door de IJzeren Garde. De trefzeker onder woorden gebrachte opkomst van dit specifieke Roemeense politieke en militaire fascisme, en de rampzalige gevolgen voor de Joodse gemeenschap in dit al van oudsher antisemitische land, grijpt sterk naar de keel. Wij zijn niet alleen getuige van de pogroms, de toenemende vervreemding van de oude vrienden die hun Joodse relaties de rug toekeren naarmate het antisemitisch geweld toeneemt, maar volgen ook het verloop van de militaire gebeurtenissen van de tweede wereldoorlog gezien door de ogen van een ‘üntermensch’. Precies omdat de pen hier door een eerste klas vakman wordt gehanteerd wordt de lezer, ook de niet-Roemeen, in dit tevens zeer belangrijk documentaire werk meegesleurd als was het een roman.
De ‘ondertitel’ van dit dagboek ontleenden wij aan een recensie van Michaël Zeeman die hij naar aanleiding van de Engelse editie in de Volkskrant publiceerde.
Vertaald uit het Roemeens door Petrina Stoianovici en Julien Weverbergh.
Vademecum bij de lectuur door Julien Weverbergh.
Het Dagboek 1935-1944 van Mihail Sebastian verscheen in het Frans, het Engels, het Duits, het Spaans, het Tsjechisch en het Pools.
In 2006 kreeg de Duitse editie de prestigieuze Geschwister-Scholl-Preis van het
Börsenverein des Deutschen Buchhandels.
Wereldkranten over deze onbekende episode uit de Balkangeschiedenis
Literair moet de kroniek van Sebastian niet onderdoen voor de dagboeken van André Gide en Jules Renard. DIE ZEIT Verschrikkelijk, grandioos, een boek van de eeuw. LE MONDE Mihail Sebastians hel is uniek. Een onvergetelijk boek. THE NEW YORK TIMES Een opmerkelijk document. LIRE: LE MAGAZIN LITTÉRAIRE Bijwijlen lees je dit dagboek als een medisch protocol van een steeds radicaler wordende ziekte. FRANKFURTER ALLGEMEINE ZEITUNG De lectuur van dit dagboek doet pijn. BERLINER ZEITUNG Een oprecht origineel literair resultaat. THE NEW CRITERION Het is een must voor een breed publiek dat meer wil weten over het leven in Europa voor en tijdens W.O. II. PUBLISHERS WEEKLY Vanaf heden kan de geschiedenis van fascistisch Roemenië of nazi-Duitsland niet geschreven worden zonder de dagboeken van Klemperer en Mihail Sebastian. THE NEW YORK REVIEW Sebastians boek wordt beschouwd als een J’accuse aan het adres van de nationalistische en xenofobe Roemenen. ISRAFAX Je kunt, na lezing van de onthutsende dagboeken van de Roemeense schrijver Mihail Sebastian, niet anders dan de naoorlogse geschiedenis van Roemenië, die halve eeuw van bloeddorstige communistische dictatuur, als de vrucht van die geschiedenis zien. Het kwaad was er een alom gerespecteerde banaliteit. DE VOLKSKRANT
Literaire monumenten over deze kroniek van het zwartste fascisme
Dit dagboek van Mihail Sebastian verdient een plaats op dezelfde boekenplank als het dagboek van Anne Frank en vraagt voor een even grote schare lezers PHILIP ROTH Sebastians proza zou door Chekhov geschreven kunnen zijn – dezelfde ingetogenheid, oprechtheid, en finesse in de waarneming. ARTHUR MILLER Sebastian biedt het meest authentieke, scherpzinnige en ironische inzicht in het menselijk wezen, en tekent met een levendige en scherpe geest, de toenemende stupiditeit en wreedheid van zijn tijdgenoten. CLAUDE LANZMANN Meer dan een halve eeuw nadat het werd geschreven, staat dit dagboek er als een van de meest belangrijke menselijke en literaire documenten over het pre-Holocaust klimaat in Roemenië. NORMAN MANEA Waar Sebastians dagboek zich echter onderscheidt van enig ander mij bekend schrijversdagboek uit die periode, is in de stuitende normaliteit, de kennelijk breed geaccepteerde alledaagsheid van dat antisemitisme. Er is vrijwel niemand vrij van; het lijkt erop dat de hele Roemeense intellectuele, politieke en culturele elite in de weer is geweest uitdrukking te geven aan de lamlendigste en schofterigste antisemitische opvattingen en beschuldigingen. Daarbij gaat het soms om figuren die na de Tweede Wereldoorlog buiten Roemenië toch nog indrukwekkende carrières hebben gemaakt of reputatie verworven, de schrijver Cioran en de godsdienstwetenschapper Mircea Eliade voorop. MICHAËL ZEEMAN, DE VOLKSKRANT
In voorbereiding bij Wever & Bergh van dezelfde auteur de roman
Sinds tweeduizend jaar
Verschijnt op 10 oktober 2007
De Man Jos
Jos de Man roept in dit boek herinneringen op aan zijn vroege kinderjaren tot aan het begin van zijn volwassenheid. Als zoon van een banketbakker in zijn geboortestad Roeselare, woonde hij lange tijd bij zijn overgrootoom Alois die een ingrijpende rol in zijn jeugd heeft gespeeld. Wordt in deze autobiografie echter het ‘echte’ leven van de jonge Jos en van het vooroorlogse Vlaanderen opgeroepen?
Slaagt Jos de Man in dit boek erin de evolutie van kind naar volwassene te openbaren en te verklaren? Is dit een speurtocht naar zijn diepere drijfveren, grillen, angsten en schaamte? Zoekt hij de waarheid in zijn lever en zijn nieren, in zijn hersenschors? In conversaties en geschriften presenteren we een beeld van onszelf zoals we nu (denken) onszelf te zien.
Uit het verleden destilleren we een succesverhaal. Hoe oneerlijk is dat? Niet in de mate dat het geheugen de informatie al heeft gezeefd. Het fungeert als een advocaat die de argumenten ten gunste van zijn cliënt aandikt. Op die manier gaat het geheugen ook om met het heden. De informatie uit het verleden wordt in de actuele beleving geplaatst, en aangepast aan de verlangens en behoeften die op dat moment spelen, en die dan ook in dit boek uitgebreid aan bod komen. Het geheugen schrijft teksten niet letterlijk over, maar is een redacteur, die verhalen in een andere vorm giet, en die niet terugdeinst voor halve waarheden, verdraaiingen en verfraaiingen, excuses en uitvluchten, rationaliseringen achteraf en zelfs klinkklare verzinsels.
Feiten en fictie versmelten met elkaar zoals de eicel met de zaadcel tijdens de bevruchting.
Fabre Jan
Naast de bronzen sculpturen van Jan Fabre worden in dit rijk geïllustreerde boek ook getekende voorontwerpen afgedrukt, detailstudies, sterk uitvergrote finesses van de sculpturen en werkfoto’s opgenomen in het atelier van de kunstenaar of op het terrein.
De unieke benaderingen in dit nu al klassieke boek over het bronzen oeuvre van Jan Fabre zijn gesigneerd door Michel Onfray, Georges Banu, Germano Celant, Paul Ardenne, Herman Parret, Giorgio Verzotti en Isabelle De Baets.
Tegelijktertijd verschijnt een Nederlandse en een Franse versie.
Verkrijgbaar in de boekhandel
Boël Delphine
Koningsdochter en kunstenares Delphine Boël vertelt voor het eerst haar eigen verhaal. En dit aan de hand van haar hier afgebeelde werk. Om allerlei verzinsels en vooroordelen te ontkrachten die over haar in omloop zijn, doet zij in dit rijk geïllustreerde boek een doekje open over haar herkomst. Zonder schroom spreekt zij over haar kinderjaren en haar jeugd als tegendraadse tiener die haar weg zoekt in de maatschappij. Ze praat vrijuit over de ontkenning van haar bestaan als 'dochter van', die resulteert in een gevecht om erkenning van haar authentiek talent als kunstenares. Ze haalt uit naar haar botsingen met de roddelpers en, daaruit volgend, de wereldwijde bekendheid die haar overvalt en om de verkeerde redenen in de publieke belangstelling brengt. Delphine wil haar leven terug en om dat te bereiken kiest zij als gedreven artieste voor het onzekere van het avontuur in een mogelijk nog vijandiger milieu dan de gewone wereld.
Haar werk is zeer persoonsgebonden en daarom ook zo authentiek. België vertoont barsten aan alle kanten. Om de liefde voor haar veelbesproken land op haar eigen gedurfde manier te uiten, laat zij Manneken Pis, dat Belgische symbool bij uitstek, zijn Bourgondische gang gaan. Vrolijk winden latend, bevloeit hij met zijn enorme plasser, geschilderd in de nationale driekleur, op een ludieke manier dit land van melk en honig. Ook de politieke verscheurdheid van haar land houdt haar gegijzeld wanneer zij, vastgeklonken met handboeien aan de vlaggen van de Vlaamse Leeuw en de Waalse Haan, haar kwetsbare naaktheid prijsgeeft. Zij aarzelt evenmin zichzelf zonder enige dubbelzinnigheid te portretteren als een portie vuile was in de doorkijk van een wasmachine, die de internationale pers voorstelt. In een meer algemeen maatschappelijke context heeft zij zich onder andere geëngageerd in campagnes tegen aids.
van Hecke Daniël
Verkrijgbaar vanaf oktober 2009.
“Johannes is – ondanks zijn profetische naam – een weldenkende ‘progressieve intellectueel’. Emma, rijkelijk bedeeld met een benijdenswaardig gamma van fysieke verleidingsmethodes, is een ontluikende femme fatale.
De fusie van de tegenpolen leidt tot de traumatische ondergang van de onervaren jongeman die zich - in de wurggreep van zijn libido - de ondankbare rol van studiebegeleider en daarmee ook van mentor op de hals haalt. Het rolpatroon van minnaar blijkt helaas niet te harmoniëren met dat van (weerbarstige) pedagoog. Het aftakelingsproces dat hierop volgt tart dan ook elke verbeelding.
Johannes’ beperkte sociale betrokkenheid krijgt pathetische tot hilarische dimensies als hij toevallig in contact komt met derdewereldvluchtelingen die hij wil bijstaan in hun worsteling met het onbekende Nederlands. Hij vult voor hen stapels formulieren in om hen wegwijs te maken in het kafkaiaanse administratieve labyrint. Intussen realiseert hij zich dat zijn geliefde pupil nymfomane trekken vertoont. De vernedering van Johannes die het gevolg is van deze narcistische eigenschap maakt hem het sociaal functioneren zo goed als onmogelijk.
Zoveel is zeker: de lijkwade van de mislukking zit hem als gegoten.”
Jean-Pierre Raynaud
Vertegenwoordiger van het Nouveau Réalisme die door de vervreemding van bestaande objecten hun diepere betekenis zoekt te achterhalen.
Franse Versie
Verkrijgbaar in de boekhandel
Prieels Guy
Kort nadat hij in het mondaine Knokke-Zoute een galerie heeft geopend, krijgt een jonge kunsthandelaar door een mysterieuze vrouw een schilderij aangeboden waarvan hij zich meent te herinneren dat het ooit deel uitmaakte van het familiebezit. Het werk is een andere versie van het wereldwijd bekende woordschilderij van René Magritte Ceci n'est pas une pipe, dat een pijp voorstelt waarbij de kunstenaar beweert dat het geen pijp is. Het is een icoon van de moderne kunst, even beroemd als de Mona Lisa. De jonge vrouw blijkt een even groot raadsel te zijn als het schilderij. Niets is wat het lijkt in deze bizarre zoektocht naar een verdwenen kunstwerk en naar een vrouw die op even onverklaarbare wijze verdwijnt als zij verschijnt. Duisterlicht is een roman over de passie in haar bekoorlijkste, maar meest verraderlijke vorm. Een trip door het rijk van de verbeelding, waar kunstenaars, dichters en dromers de liefde en het leven kleur geven. Een verbluffende introductie in de wereld van het Grote Geld, met bijwijlen hilarische toestanden, dramatische verhoudingen en schokkende ontsporingen. Een wereld waarin de protagonisten met hetzelfde gemak kunst kopen als ze mooie vrouwen verzamelen en waarin jaloezie, afgunst en bedrog elkaar treffen in hetzelfde bed.
Nu in tweede druk.
Verkrijgbaar in de boekhandel
Walschap
Verkrijgbaar vanaf april 2009
Thijs Glorieus, de mens van goede wil, kan geen onrecht zien en trekt zich vaak tragisch en ten koste van zijn eigen welzijn het lot aan van wie zich niet kan verweren. Als ordonnans van een kapitein ziet hij tijdens zijn legerdienst in dat het morele gezag van de betere standen is uitgehold en dat ieder zijn leven naar eigen goeddunken moet inrichten. Hij trouwt met de achterlijke Let en tracht in de stad moeizaam een onafhankelijk bestaan op te bouwen. Als hij met zijn onvoorwaardelijk geloof in de goedheid van de mens zijn tol aan het leven heeft betaald, keert hij gelouterd terug naar zijn dorp. Daar groeit hij uit tot een invloedrijke en op handen gedragen soeverein, de ontwerper van een nieuw bestaan voor de hele gemeenschap. In het leven van Lets zuster, Rosa, die in een bui van morele ellende haar man heeft neergeschoten, neemt hij een heel bijzondere plaats in.
Thijs Glorieus is een held naar Walschaps hart: rechtvaardig, voluntaristisch, genereus en bij iedereen geliefd. Als de eerste in een rij van opmerkelijke figuren in Walschaps werk, een voorvader van de vrijgevochten Houtekiet en van de ondernemende Tilman Armenaas, belichaamt hij een ontroerend naïef en aansprekend mooi levensideaal, los van eender welke levensbeschouwing. Alsof de toen veelbelaagde Walschap wilde zeggen: je moet geen katholiek zijn om als een goed en edel mens door het leven te kunnen gaan. Zonder twijfel is Thijs Glorieus in vele opzichten verwant met Walschap zelf.
Een mens van goede wil, een van de markantste romans in Walschaps
indrukwekkende oeuvre, is een bewogen verhaal over de keuzes die men maakt,
een enthousiast en gedreven pleidooi voor zelfbeschikking.
Gerard Walschap (Londerzeel 1898-Antwerpen 1989) was en is nog steeds een van de meest prominente Vlaamse auteurs van de 20ste eeuw. Hij heeft in het Nederlandse proza een eigen stijl ge-schapen, die door directe zakelijkheid, een soms overrompelend ritme, laconieke plasticiteit, syntac-tische vrijheden en pittig gebruik van de Brabantse volkstaal een grote kracht bezit.
Hij wordt beschouwd als de belangrijkste vernieuwer van de romanvorm in de jaren dertig.
Gerard Walschap werd geboren als tweede in een middenstandsgezin van negen kinderen. Zijn vader was herbergier van een café dat nog steeds onder de Londerzeelse kerktoren wordt opengehouden. Hij begon aan een priesterstudie. In 1921, vlak voor zijn eerste priesterwijding, stopte hij met deze opleiding omdat hij zich niet met het celibaat kon verzoenen. Na deze periode begon een vruchtbare carrière als fulltime schrijver. Zo maakte hij onder meer vanaf 1933 deel uit van de Vlaamse redactie van Forum tot aan de opheffing ervan in 1935.
Zijn romans werden door de katholieke clerus en leken vijandig ont-haald, wat bij de schrijver een gekwetste ver-vreemding tegenover de kerk teweegbracht, die na jaren van eenzame twijfel zou leiden tot volstrekte vrijzinnigheid.
Brouwers Jeroen
Verkrijgbaar vanaf oktober 2009.
In een bezwerende taal die hem eigen is kondigt Jeroen Brouwers het einde der tijden aan, dat zich niet langer afspeelt in een niet nader te bepalen toekomst, maar door de mens al volop in gang is gezet.
Voor deze aangrijpende openbaring liet de schrijver zich inspireren door het tijdloze Dies Irae, de Gregoriaanse smeekbede waarmee de christenen al eeuwenlang hun doden uitgeleide doen, en waarvan de tekst ook voor Wolfgang Amadeus Mozart als basis diende tijdens het componeren van het meest schokkende deel uit zijn beroemde Requiem. Voor dit nieuwe requiem putte de schrijver verder uit de actualiteit die met een niet aflatende stroom van ellende dagelijks onze huiskamers binnendringt.
Bij de uitgever groeide het idee om aan dit belangrijke werk een picturaal element toe te voegen om het geheel tot een soort ‘totaalkunst’ te verheffen. Nadat de beeldend kunstenaar Roger Raveel de tekst van Brouwers in zich had opgenomen werd een spontane wisselwerking van ideeën tussen twee meesters geboren: Roger Raveel creëerde tien kunstwerken bij de tekst van Brouwers.
I Solisti del Vento en Muziektheater Transparant verwerken Een nieuw Requiem van Jeroen Brouwers met muziek en beeld tot een gelijknamige muziektheaterproductie. I Solisti del Vento, een internationaal gerenommeerd blazersensemble onder artistieke leiding van Francis Pollet, gaf opdracht tot de tekst en liet ook Mozarts Requiem door Christian Köhler arrangeren. De regie werd toevertrouwd aan Josse De Pauw.
De première van deze indrukwekkende, spraakmakende voorstelling, met projecties in decors gebaseerd op Raveels illustraties, heeft plaats in november van 2009 in deSingel te Antwerpen. In maart 2010 volgt een tournee doorheen Vlaanderen en Nederland.
Een nieuw Requiem bestaat uit twee delen: het eerste deel bevat de integrale tekst van Jeroen Brouwers en de illustraties van Roger Raveel die paginagroot zijn afgedrukt. Het tweede deel van het boek bevat een uitgebreide: de oorspronkelijke Latijnse tekst van Dies Irae, de Nederlandse versie zoals die voorkomt in de missalen, en een verrassende hedendaagse vertaling van deze geijkte tekst door Stefan van den Broeck; Daarnaast biedt een aantal teksten verdere achtergrondinformatie over dit originele/gedurfde initiatief: “In Mozarts tijd: over harmoniebewerkingen”; “Omtrent het Requiem en het Requiem van Mozart in het bijzonder”; “Toelichtingen bij de muziektheaterproductie Een nieuw Requiem, I Solisti del Vento en Muziektheater Transparant”.
Jeroen Brouwers, Een nieuw Requiem, wordt aangeboden met een cd waarop het arrangement van Christian Köhler door I Solisti del Vento wordt uitgevoerd.
I Solisti del Vento http://www.isolistidelvento.be/
Muziektheater Transparant http://www.transparant.be/
Restany Pierre
Een topfiguur uit de internationale kunstbeweging Cobra. Ontwikkelde een hoogst eigen stijl die nauw verwant is aan de volkscultuur en bleef deze trouw tot het einde.
Franse en Engelse Versie
Verkrijgbaar in de boekhandel
De Bremaeker Jos
Vanaf half oktober verkrijgbaar in de boekhandel
In het najaar van 1990 werd in Irak een groot aantal buitenlanders gegijzeld, waaronder ongeveer dertig Belgen, om ingezet te worden als levend verdedigingsschild tijdens Amerikaanse bombardementen. Een delegatie van zeven Belgische parlementsleden van verschillende politieke partijen werd naar Irak gestuurd om een oplossing voor dit probleem te vinden.
Jos de Bremaeker, destijds senator voor de Socialistische Partij, maakte deel uit van deze delegatie. In dit boek geeft hij een waarheidsgetrouw verslag van deze missie, die plaatsvond van 21 november tot 2 december 1990, en waarover tot nu toe nog niets is gepubliceerd. De Bremaeker laat zien hoe de delegatie tot stand kwam en beschrijft onder meer de intriges binnen de politieke partijen en de capriolen van de Belgische regering die onder druk van de Amerikanen geen openlijke steun mocht betuigen aan de delegatie. In Irak zelf hadden de delegatieleden het niet makkelijk. Zij moesten bijna dagelijks Iraakse ministers en obscure parlementsleden ontmoeten en waren verplicht een aantal beginselverklaringen te ondertekenen met het Iraakse parlement en met vertegenwoordigers van de Baathpartij. Toch slaagden zij waar sommige andere landen faalden. Ze wisten de Iraakse regering voor zich te winnen en konden uiteindelijk naar België terugkeren in gezelschap van alle gijzelaars.
Gegijzeld in Irak probeert een waarheidsgetrouw document te zijn. Behalve fotomateriaal bevat het een bibliografie en de beginselverklaringen die door de Belgische delegatie met de Iraakse regering en leiders van de Baathpartij werden ondertekend. Het boek biedt een unieke kijk achter de schermen van soortgelijke delegaties waarover tot nu toe weinig publicaties verschenen zijn.
Osstyn Karel
Vanaf half oktober verkrijgbaar in de boekhandel
Mike Stokman, fervent autoliefhebber en eigenaar van een Alfa Romeo, raakt na een verkeersongeluk verslingerd aan een vervangende auto, een bescheiden Honda Jazz. Hoe ingrijpend deze gebeurtenis voor hem ook mag zijn, de perikelen die hij ondervindt met niet-verzekerde tegenpartijen, zijn uiteengevallen gezin, zijn minnares en een bloedhete zomer in de Brusselse rand zetten zijn leven nog veel drastischer op zijn kop.
Iedereen probeert op zijn eigen manier met de chaos om te gaan. Wat alle mensen alvast met elkaar gemeen hebben, is een gigantische mentale map met een verzameling van gedachteflitsen, dagdromen en herinneringen die ze cultiveren en die voortdurend in de weer zijn om het interne geraas in ons hoofd tot rust te brengen. Daar horen ook de bijzonder technische hoofdstukjes thuis, die Mike Stokman bijhoudt over zijn Jazz. Deze ‘knipsels’ helpen hem om zijn dolgedraaide hersens te focussen bij de afwikkeling van zijn verkeersongeval.
Dat neemt niet weg dat het Honda Jazz Knipselboek onherroepelijk op een noodlottige ontknoping afstevent. Mike Stokmans belevenissen lezen dan ook als een zeer onderhoudend suspenseverhaal.
In Honda Jazz pleit Karel Osstyn voor een betere balans tussen geest en materie. In een tijdperk waarin de auto ter discussie gesteld wordt, is het Honda Jazz Knipselboek veel meer dan een pleidooi voor privévervoer. Je zou het een blog kunnen noemen van een bevoorrecht automobilist, die in tijden van dreigende olieschaarste, gebrek aan ruimte en toenemende vervuiling het belang van downsizing leert te waarderen.
Oever A.M.A van den
In Het leven zelf ontvouwt Annie van den Oever een prikkelend nieuw inzicht in Louis Paul Boon als romanvernieuwer. Zij gaat van start met de vraag waarom er zo'n ongerijmde tegenstelling bestaat tussen de grootheid van de romanschrijver Louis Paul Boon, wiens magistrale romans internationaal worden geroemd, en de merkwaardige, reducerende, biografische interpretaties waarop hij in zijn eigen taalgebied met enige regelmaat is getrakteerd. De auteur zoekt het antwoord in Boons verkeerd begrepen zogenaamde primitieve ‘Vlaams’ en zij analyseert wat zij zijn geraffineerde pseudo-primitieve stijl noemt in het licht van de groteske traditie (Kafka, Van Ostaijen, Gogol) en de radicaal sceptische traditie van Nietzsche. Tegelijk formuleert zij een frisse nieuwe visie op de figuur ‘Boontje’, in wie velen de gestalte van de kleine schrijver zelf hebben willen zien. Ten slotte schetst zij de sublieme en enigmatische relatie van dit quasi-komische figuurtje tot zijn grote schepper, Boon. De uitkomst van dit alles is een nieuw inzicht in Boons grote romans over de Kapellekensbaan, in zijn cursiefjes, de Boontjes, en in Boons grote historische romans over Vlaanderen. Wie Boon waardeert, mag dit opstel niet ongelezen laten.
Het leven zelf zal gelijktijdig met het Nederlandse boek onder de titel Life itself worden uitgebracht in de Engelstalige wereld, en wel in de fameuze Scholarly Series van Dalkey Archive Press. Deze serie en uitgever ontlenen hun faam aan hun aandacht voor de Amerikaanse en Europese romanvernieuwing. Life itself is het eerste opstel van een levende buitenlandse auteur dat wordt opgenomen in de serie.
Verschijnt 10 oktober 2007
Dank zij de erven Boon konden wij zelfs een LP opdiepen waar Boontje een tiental van zijn Boontjes voorleest. Wij kozen er twee:
Walschap
Jan Houtekiet is een stroper, vagebond, zwerver en dief, die God noch gebod kent, een mannetjesputter op wie alle vrouwen vallen. Op een onvruchtbaar stuk grond, buiten de greep van elke burgerlijke of kerkelijke autoriteit, bouwt hij een nieuwe gemeenschap op waarin iedereen in volle vrijheid leeft. Langzaam groeien uit deze gemeenschap zelf nieuwe normen. Slechts aarzelend gaat Houtekiet in op de vraag naar een eigen kerkhof, een kerk, een pastoor. Als het ingezeten leven hem verveelt, laat hij vrouwen en kinderen in de steek en gaat hij weer voor een paar jaar op pad. Pas bij zijn terugkeer maakt de doodzieke Iphigénie, zijn ‘andere’ vrouw, hem duidelijk wat liefde is en wat ze in het leven van de mens betekent. Haar dood wekt bij hem een metafysisch bewustzijn en brengt hem tot een eenzame, kosmische meditatie over het raadsel van het leven. De heidense Houtekiet belichaamde voor Walschap de triomf van de absolute morele vrijheid en zelfbeschikking. Houtekiet, dat was Walschap in het diepst van zijn gedachten.
Een scholier over Houtekiet na de verplichte lectuur van de roman
Het boek bleek, totaal tegen mijn verwachting in, toch een zeer goed en boeiend verhaal te bevatten. Op al die vergeelde bladzijden is Walschap er in geslaagd een duidelijk beeld van de invloed van kerk, adel en gerecht in die tijd te schetsen. Hij slaagde er ook in deze niet zo interessante materie te vertellen in een ontzettend boeiend verhaal. Ik had het niet verwacht, maar als ik nog eens in de bibliotheek kom, zal ik zeker zoeken naar het vervolg, 'Nieuw Deps' genaamd. Mijn mening over oude, vergeelde boeken is door het lezen van dit boek zeker een beetje bijgeschaafd!
luister hier naar de stem van Walschap
Auwera Fernand
Ruim twintig jaar na de oorlog besluit de om zijn linkse ideeën bekende strafpleiter Nico Cavens de verdediging op zich te nemen van een van moord beschuldigde ex-beul van Breendonk. Zijn slachtoffer was bovendien een gedetineerde van het beruchte strafkamp. Het geruchtmakend proces geeft aanleiding tot een aantal verrassende gebeurtenissen, opgetekend door een persoon die niet is wie hij lijkt te zijn. Een spannende thriller? Een roman over de nasleep van de tweede wereldoorlog? Een roman over de gewetensstrijd van een beroemd advocaat? Een verhaal over een controversiële assisenzaak? Een psychologische roman over verantwoordelijkheid, schuld en bedrog, de typische Auwera-thema's waar hij ook eerder al zo sterk en beklijvend mee uitpakte? Niet één in het bijzonder, maar al deze omschrijvingen samen zijn van toepassing op de nieuwe, indringende roman van deze 'auteur van het geweten'.
Verschijnt 10 oktober 2007
Frans kunstenaar, geboren in 1926. Hij krijgt zijn opleiding in teken- en schilderkunst aan de Ecole des Beaux-Arts in Rennes in1945. Vanaf 1947 studeert hij voor architect aan de Ecole des Beaux-Arts in Nantes.
Voor Villeglé is elke straat een feest van kleur, een visueel spektakel. Reeds vanaf 1949 vindt hij zijn roeping in het afscheuren van affiches en de samenstelling van de gecollecteerde fragmenten ervan tot kunstwerken, waarmee hij de idee voorstaat van de anonieme creatieve geest die de plaats inneemt van de figuur van de kunstenaar.
Hij ziet zijn werk als dat van een fotograaf die zijn objectief doorheen een lens waarneemt en afdrukt.
In 1954 maakt hij kennis met Yves Klein, Jean Tinguely en Pierre Restany, de profeet van het Nouveau Réalisme, tot welke richting hij gaat behoren en dat vanaf 1960 als de Europese tegenhanger van de Angelsaksische Pop Art geschiedenis zal maken.
Voor Villeglé zou de weg van de erkenning echter lang en moeilijk zijn. Het is pas vanaf de zeventiger jaren dat hij zal kunnen leven van zijn kunst en het zal duren tot 1998 dat het Musée National d’Art Moderne een van zijn werken opneemt in haar verzameling.
In zowat 150 persoonlijke exposities heeft Villeglé zijn werk aan het publiek getoond. Ook heeft hij deelgenomen aan talloze collectieve tentoonstellingen over de hele wereld.
Verkrijgbaar in de boekhandel
Sauviller Raf
Verkrijgbaar vanaf 23 april 2009.
Jean-Marie Dedecker is het politieke fenomeen van de afgelopen jaren. De volgende verkiezingen zullen rond hem draaien. De vraag is niet of hij een aanzienlijk deel van de kiezerskoek naar zich toe zal halen. De vraag is: wordt het een dijkbreuk?
Tot nu toe vulde Jean-Marie Dedecker het grootste deel van zijn leven met sport en business. Hij was judoka, judokacoach en verzekeringsagent. In 1999 stapte hij in de politiek. In geen tijd werd hij een van de bekendste koppen in Vlaanderen en schoof hij van rechts in de VLD naar rechts van de VLD. Zijn mateloze populariteit haalde hij met een antipolitieke houding, een gespierd rechts populisme en vooral veel schandalen, hele, halve, echte, vermeende, het doet er allemaal niet zoveel toe. Van een dubieus celbezoek aan Marc Dutroux met een journalist van VTM in de binnenzak tot mysterieuze EPO-slikkende coureurs…
Zelf ziet Dedecker zich als de Pim Fortuyn van de Vlaamse politiek, de nieuwe politicus niet aangetast door de vieze zeden en gewoonten in de Belgische Wetstraat, een smetteloze Messias die beweert niets te verbergen te hebben. Maar dat is allemaal net dat beetje te eenvoudig. Dit boek snijdt dan ook door de luidruchtige firewall die deze Oostendse Mister Proper rond zich heeft opgetrokken en legt de echte Jean-Marie Dedecker bloot. Waar komt deze schandaalmeester vandaan? Wie waren de judokacoach en de zakenman en waarom stapten ze in de politiek en hoeveel judokacoach en zakenman zitten er in de politicus? Is Dedecker niet meer dan die smakeloze populist die gaat waar de brede kiesmassa en haar ontevredenheid hem leidt, of zit er toch meer in zijn greep naar de macht?
Haelemeersch Albert-Fernand
Dit rijk geïllustreerd boek brengt 220 exclusieve foto's van Sint-Martens-Latem, vroeger en nu. Door de vele toeristen en actieve recreanten die dagelijks door de twee pittoreske dorpen, Deurle en Latem, wandelen, kuieren of fietsen werd de auteur, die actief is in de plaatselijke Den Laethemsen Vriendenkring, er geregeld aan herinnerd dat er, buiten het kunsthistorische, geen gestructureerd naslagwerk bestond over het verleden van het beroemde Leiedorp met zijn schitterende landmerken en unieke geschiedenis. Maar niet alleen bezoekers zijn nieuwsgierig hoe de streek er in de 19de en 20ste eeuw uitzag, wat haar aantrekkingskracht was voor de vele kunstenaars die er naam maakten en waarom de rijke industriëlen er hun buitenverblijf hadden of er meestal ook permanent bleven wonen. Velen zijn ook benieuwd hoe die culturele uitstraling ontstaan is en of die nog steeds levend gehouden wordt. Kortom, men wou een kijk op de metamorfose van het landelijke naar het uitgesproken residentiële karakter.
Dit kijkboek moet dan ook een antwoord bieden aan de meeste van die vragen. Een zoektocht in archieven leverde, naast de al gekende postkaarten, heel veel exclusief fotomateriaal op.
Dit boek verschijnt november 2007 in onze serie W&B Buitenbeentjes
Prieels Guy
Nu in de winkel!
Ik open m’n ogen en kijk recht in de loop van een pistool. Ik schrik me lam. Een politieman omklemt met beide handen zijn wapen en houdt het met gestrekte armen op mij gericht, klaar om mijn kop eraf te knallen. Hij kijkt vals. Eén verkeerde beweging en ik krijg de kogel.
Zo begint MORITURI, het verhaal van een jonge man met schrijversambities die de bloemetjes buitenzet met de moordenaars van zijn gezworen vijand, zonder te weten welke misdaad zij de vorige nacht hebben gepleegd. Tijdens deze dolle dodendans wordt niet veel later ook zijn goede vriend van kant gemaakt. Wanneer hij denkt de liefde van zijn leven te hebben gevonden, loopt hij voor de derde keer in de armen van het Noodlot.
Twee moorden en een gedoemde liefde. Teveel van het slechte om waar te zijn?
Op elke pagina van deze ijzingwekkende kroniek wordt de verbeelding moeiteloos door de werkelijkheid overtroffen.
Guy Prieels op zijn best in deze op feiten gebaseerde kroniek: snedig, pakkend, hilarisch, meeslepend, perfide.
Snyers Jan
NU verkrijgbaar in de boekhandel
Op 12 april 2006 wordt Vlaanderen opgeschrikt door de zogenaamde “mp3-moord” op Joe van Holsbeeck, aan wie de schrijver dit boek opdraagt.
Na deze roofmoord slaan bij de zeventienjarige Olaf ‘Ozzy’ Oosterbosch uit Diest de stoppen door. Hij vreest dat hij wel eens het volgende slachtoffer zou kunnen worden van een dergelijk zinloos geweld, door zich op het verkeerde moment op de verkeerde plaats te bevinden. Hij besluit niet meer zonder wapen de straat op te gaan en schaft zich een knipmes aan.‘Zonder ga ik de straat niet meer op. Ik ben niet gek!’Wanneer pa Oosterbosch hier achter komt, stuurt hij zijn zoon onmiddellijk naar psychiater Paul Vandam.Via hem belandt Ozzy in de schrijverscursus van juf Betty waar hij allerlei vreemde snuiters ontmoet.
Maar zal dit alles genoeg zijn om het noodlot af te wenden…
Dit hilarische en opmerkelijke romandebuut staat bol van de absurde humor. Ozzy! Zinloze geweldenaren en gele bikini’s is zowel een knipoog als een kaakslag, maar wil vooral een pleidooi zijn voor liefde en verdraagzaamheid
.
Voor dit fraaie boek over Roger Raveel (°1921) heeft auteur Marc Ruyters lange gesprekken gevoerd met de kunstenaar en met vrienden en bewonderaars als Roland Jooris, Hugo Claus en Jan Hoet. Het werk van Raveel vormt een ongeëvenaard hoogtepunt in de Belgische naoorlogse schilderkunst. Het boek belicht de evolutie van de schilder, zijn drijfveren, zijn kijk op de dingen en zijn verhouding tot het woord. Vooral de intrigerende positie van Raveel, tussen ‘zijn’ dorp Machelen-aan-de-Leie, dat hij nooit verliet, en de internationale kunstwereld, komt aan bod. De toegankelijk geschreven tekst en de vele reproducties illustreren dat zijn werken niet alleen ‘uitvloeien in de omgeving’, zoals de schilder het zelf zegt, maar ook in de maatschappelijke realiteit.
Voor de talrijke illustraties in dit boek werd al het werk van Roger Raveel, zowel in binnen- als buitenlandse collecties, onder de beste omstandigheden en moderne technieken opnieuw gefotografeerd.
Ik heb vastgesteld dat men mijn werk al te graag idealiseert. Het schrijnende en sukkelachtige in de mens, een thema dat geregeld opduikt in mijn schilderijen, daar kijkt men liever overheen. ROGER RAVEEL
Verkrijgbaar in de boekhandel
Dagen Phillipe
Een van de meest creatieve kunstenaars van zijn generatie die met ongebreidelde verbeelding vorm geeft aan zijn fantastisch universum.
Nederlandse en Franse versie
Verkrijgbaar in de boekhandel
Dumoulin Jean Pierre
Vanaf half oktober verkrijgbaar in de boekhandel
Jean Pierre Dumoulin, ooit een succesvolle een uitermate intelligente advocaat, werd wegens misbruik van vertrouwen, schending van geheimhouding en valsheid in geschrifte gedwongen de balie te verlaten. Hij werkte dan vervolgens kortstondig als administratief medewerker bij een verzekeringsmakelaar, bij een antiekhandelaar, als nachtportier in een hotel en later als verkoper bij een incassobureau. Aanvallen van razernij en roekeloos gedrag ten gevolge van drankmisbruik begonnen zijn gezin echter steeds vaker te teisteren. Alcoholisme en escapisme werden een rode draad in zijn leven en zouden ook het leven van zijn vrouw jarenlang beheersen.
Voor zijn alcoholverslaving werd Jean Pierre Dumoulin herhaaldelijk opgenomen in klinieken en onderging hij de geijkte ontwenningskuren. Een exacte diagnose van zijn destructieve gedrag en zijn neiging om onaangekondigd de benen te nemen waarbij hij geregeld in de zelfkant van de maatschappij belandde, werd pas later en eigenlijk veel te laat gesteld. Uiteindelijk werd duidelijk dat hij naast alcoholisme ook aan een manisch-depressieve stoornis leed.
Periodes van schijnbaar normaal gezinsleven en relatief succes werden afgewisseld met onophoudelijk alcoholmisbruik, geldverkwisting en nieuwe schulden, geweld en manisch vluchtgedrag, seksuele ontsporing en prostitutiebezoek. Hij werd directeur van een groot incassobureau in Brussel, maar ging voor die firma als crisismanager in Parijs wonen waar zijn drankgebruik een nieuw dieptepunt bereikte. Na een opnieuw vergeefse ontwenningskuur in een gespecialiseerde inrichting richtte hij zijn eigen incassobureau op waarvan hij anderhalf jaar later zijn aandelen verkocht om zonder enig teken van leven naar Spanje te vertrekken, zijn vrouw en vier kinderen in België achterlatend. Hij verspilde er een klein fortuin en schreef er zijn eerste roman Café la Lune, een geromantiseerde autobiografie vol leugens en onwaarheden, die gunstige kritieken kreeg.
In zijn nieuwe boek Scharrelhaan biecht Dumoulin nu voor het eerst onverbloemd de rauwe waarheid op over de kwelling van de bipolaire stoornis en de drankverslaving, en de onmacht en onkunde van de psychiatrie. Ook schetst hij treffend zijn collega’s- medeverslaafden en hun therapeuten en het troosteloze leven in ontwenningsklinieken.
De ondertitel Biecht moet dan ook niet lichtzinnig worden opgevat.
De auteur heeft bovendien door het hele boek dagboeknotities en overpeinzingen van zijn vrouw en dichteres Patricia Lasoen geweven, en fragmenten uit haar ongepubliceerde roman De Silbermannaalden, getuigenissen die een schrijnend beeld oproepen van haar leven met een totaal losgeslagen man.
Robert Groslot
Si le monde … een multimediaproject van Robert Groslot, heeft als belangrijkste inspiratiebron het denken en het oeuvre van Albert Camus. De titel verwijst naar een citaat van Camus uit Le mythe de Sisyphe: 'Si le monde était clair, l'art ne serait pas.'
Het project, omvat een compositie voor symfonisch orkest, sopraan-solo en vrouwenkoor, een kunstfilm, gebaseerd op deze compositie, twintig tableaus, elf digitale litho's, zes sculpturen (3D-prints), Pan@Theon, een in 3D ontworpen virtueel gebouw, waarvoor nu al belangstelling bestaat om het in realiteit te bouwen, en een kunstboek met HD-DVD (Blue-ray) van de film.
Wij bieden in één map de film en het kunstboek aan. De film Si le monde ... schetst een wereldbeeld in de vorm van een bewegend schilderij. Hierin staan drie categorieën van personages centraal. Elke categorie vertegenwoordigt een belangrijk aspect van de ervaringen van de mens, en werd tijdens het werkproces gesymboliseerd door een schilder: Botticelli, symbool voor de enorme schoonheid van de natuur en de wereld, Munch, symbool voor de existentiële angst en de richtingloosheid van het bestaan, Dix, symbool voor de feestvierende mens die zijn angsten, tegen beter weten in, verdringt. Naast deze drie categorieën treffen wij de Dood aan met drie assistenten.
Het boek omvat artikels van Etienne Vermeersch, Frans Boenders, Jean-Paul Van Bendegem, Herman Mariën, Ernest Van Buynder, Wim Henderickx en Robert Groslot, die op verschillende manieren over de merkwaardige zin van Albert Camus reflecteren. Verder bevat het boek een aantal foto's van personages en de prachtige originele kostuums, een korte omschrijving van het Pan@Theon-project, een aantal frames van scènes uit de film, afbeeldingen van de tableaus, digitale litho's en 3D-prints, en tot slot reportage foto's van de 'making of'.
Sosno
Beeldhouwer en schilder die behoorde tot de prestigieuze Ecole de Nice.Bekend om de integratie van paradoxale vormen en sculpturen in het stadsbeeld.
Versie Frans
Verkrijgbaar in de boekhandel
Wolfgang Volz
De meeste werken van Christo and Jeanne-Claude hebben een ‘tijdelijk’ karakter en blijven voortbestaan dankzij het kunstzinnig fotomateriaal van Wolfgang Volz. Het boek omvat foto's van alle tot hiertoe gerealiseerde ‘tijdelijke kunstwerken’ van Christo, van Valley Curtain (Colorado) tot The Gates, project for Central Park NYC.
Het kunstboek toont naast werkfoto’s op het terrein ook het uiteindelijke resultaat van de ‘tijdelijke ingrepen op het landschap’ ontsproten aan het brein van de spitsvondige mathematicus Christo en zijn onafscheidelijke wederhelft Jeanne-Claude. Wolfgang Volz bewijst met subtiele momentopnames dat hij als geen andere de kunst van de fotografie in zich heeft en een duidelijke perceptie heeft van de landart van het artiestenpaar.
De begeleidende tekst is van Werner Spies, terwijl Wolgang Volz, als een ‘kronieker’, de uitvoering van de werken en kunstgrepen beschrijft en in duidelijke bewoordingen de lezer op een haast encyclopedische wijze binnenloodst in de wereld en het denken van Christo en Jeanne-Claude.
Dit is een Engelse versie.
Verkrijgbaar in de boekhandel
Ledeur Jean-Paul
Franse kunstenaar
De Franse kunstschilder Yves Klein (1928-1962) was één van de oprichters van de werelvermaarde kunstenaarsbeweging Nouveau Réalisme, tegenhanger van de Angelsaksische Pop Art, waarvan beroemde tijdgenoten als Arman, Raysse, Restany, Villeglé, Spoerri, Tinguely, César, Rotella en Niki de Saint Phalle, deel uitmaakten. Hij was een autodidact maar ontwikkelde zich tijdens zijn korte leven tot een van de grootste creatieve geesten op kunstgebied. Hij heeft thans een ereplaats in elk belangrijk museum ter wereld.
International Klein Blue
Kort na de oorlog realiseert hij zijn eerste Monochromes, eenkleurige doeken, die in de jaren vijftig hoofdzakelijk in ultramarijn blauw worden uitgevoerd, het International Klein Blue, de kleur waarop hij een patent nam. Ook sponzen kregen omwille van hun structuur een belangrijke plaats in zijn oeuvre.
Happenings
Aan het eind van de jaren vijftig schilderde hij zijn modellen in het blauw en liet hen neerliggen op een doek om daarop hun afdrukken achter te laten. Deze verwezenlijkingen werden bekend als zijn Anthropométries. Ze vonden plaats tijdens happenings, waarbij een band muziek maakte. Later gebruikt hij natuurelementen als regen, wind en bliksem in zijn performances, die bekend werden als zijn Cosmogonies, en bewerkt hij zijn schilderijen met vuur.
Dit boek is de beredeneerde catalogus (catalogue raisonné) van zijn sculpturen en multipels.
Dit is een Franse versie met Engelse vertaling.
Verkrijgbaar in de boekhandel
van Dievel Louis
Verkrijgbaar vanaf april 2009.
Op 11 oktober 2007 belde Pieter De Crem van CD&V aan de deur van een modeste villa in Kalmthout. Hij zat dringend om goede raad verlegen over de kwestie BHV en kreeg die ook. De blog over Van Dievel Consulting op de nieuwssite van de VRT was geboren. In de maanden die volgden kwamen politici van bijna alle partijen in Kalmthout advies inwinnen over de te volgen strategie op het kronkelige pad van de regeringsvorming. En hoe kolderesk of waanzinnig de raad die ze kregen ook was, een week later bleek de kolder al werkelijkheid geworden en de waanzin alledaags. Van Dievel Consulting en zijn trouwe huisdier, de dobermann Brabançonne, werden ‘incontournable’ in de Wetstraat.
Einde mei van 2008 kwam er wat sleet op Van Dievel Consulting, en trad de blogschrijver als hofnar in dienst van zijne majesteit Albert II, de koning der Belgen. Dat opende nieuwe perspectieven. Het is al sinds de middeleeuwen de taak van de nar om al lachend de soms trieste en sombere waarheid te vertellen. En dus beschrijft de nar week na week geduldig de toestand van het koninkrijk ten behoeve van zijn werkgever, tot groot ongenoegen overigens van de kabinetschef van de vorst, die aan het hof geen concurrentie duldt.
De satirische blogreeks van Louis van Dievel op ‘deredactie.be’ schetst een vrolijk maar ook bitter portret van de vaderlandse politiek. En ook al wordt er in de realiteit zelden naar zijn goede raad geluisterd, zijn observaties zijn er niet minder raak om.
En ook wie zich blauw ergert aan de inhoud en de stijl van de blogs van Louis van Dievel, kijkt toch uit naar de volgende.
