ISBN: 978-90-78902-37-9
NUR: 301
Prijs: 17,90 €
Auteur(s): Walschap
Verkrijgbaar vanaf april 2009
Thijs Glorieus, de mens van goede wil, kan geen onrecht zien en trekt zich vaak tragisch en ten koste van zijn eigen welzijn het lot aan van wie zich niet kan verweren. Als ordonnans van een kapitein ziet hij tijdens zijn legerdienst in dat het morele gezag van de betere standen is uitgehold en dat ieder zijn leven naar eigen goeddunken moet inrichten. Hij trouwt met de achterlijke Let en tracht in de stad moeizaam een onafhankelijk bestaan op te bouwen. Als hij met zijn onvoorwaardelijk geloof in de goedheid van de mens zijn tol aan het leven heeft betaald, keert hij gelouterd terug naar zijn dorp. Daar groeit hij uit tot een invloedrijke en op handen gedragen soeverein, de ontwerper van een nieuw bestaan voor de hele gemeenschap. In het leven van Lets zuster, Rosa, die in een bui van morele ellende haar man heeft neergeschoten, neemt hij een heel bijzondere plaats in.
Thijs Glorieus is een held naar Walschaps hart: rechtvaardig, voluntaristisch, genereus en bij iedereen geliefd. Als de eerste in een rij van opmerkelijke figuren in Walschaps werk, een voorvader van de vrijgevochten Houtekiet en van de ondernemende Tilman Armenaas, belichaamt hij een ontroerend naïef en aansprekend mooi levensideaal, los van eender welke levensbeschouwing. Alsof de toen veelbelaagde Walschap wilde zeggen: je moet geen katholiek zijn om als een goed en edel mens door het leven te kunnen gaan. Zonder twijfel is Thijs Glorieus in vele opzichten verwant met Walschap zelf.
Een mens van goede wil, een van de markantste romans in Walschaps
indrukwekkende oeuvre, is een bewogen verhaal over de keuzes die men maakt,
een enthousiast en gedreven pleidooi voor zelfbeschikking.
Gerard Walschap (Londerzeel 1898-Antwerpen 1989) was en is nog steeds een van de meest prominente Vlaamse auteurs van de 20ste eeuw. Hij heeft in het Nederlandse proza een eigen stijl ge-schapen, die door directe zakelijkheid, een soms overrompelend ritme, laconieke plasticiteit, syntac-tische vrijheden en pittig gebruik van de Brabantse volkstaal een grote kracht bezit.
Hij wordt beschouwd als de belangrijkste vernieuwer van de romanvorm in de jaren dertig.
Gerard Walschap werd geboren als tweede in een middenstandsgezin van negen kinderen. Zijn vader was herbergier van een café dat nog steeds onder de Londerzeelse kerktoren wordt opengehouden. Hij begon aan een priesterstudie. In 1921, vlak voor zijn eerste priesterwijding, stopte hij met deze opleiding omdat hij zich niet met het celibaat kon verzoenen. Na deze periode begon een vruchtbare carrière als fulltime schrijver. Zo maakte hij onder meer vanaf 1933 deel uit van de Vlaamse redactie van Forum tot aan de opheffing ervan in 1935.
Zijn romans werden door de katholieke clerus en leken vijandig ont-haald, wat bij de schrijver een gekwetste ver-vreemding tegenover de kerk teweegbracht, die na jaren van eenzame twijfel zou leiden tot volstrekte vrijzinnigheid.
